Funderingsschade vraagt om betere data en handelingsperspectief
Door klimaatverandering nemen funderingsrisico’s in Nederland toe. Droogte, dalende grondwaterstanden en bodemdaling zorgen ervoor dat steeds meer gebouwen risico lopen op schade, ook in gebieden waar funderingsproblemen voorheen nauwelijks voorkwamen.
Nu de funderingsproblematiek op 10 september in de Tweede Kamer wordt besproken, benadrukt Deltares het belang van betere data, een landelijk risicobeeld en concreet handelingsperspectief. Die kennis brengt Deltares ook in bij de Nationale Aanpak Funderingen.
Funderingsschade is geen lokaal probleem
Funderingsschade wordt vaak geassocieerd met veenweidegebieden en oude binnensteden, maar het probleem bestrijkt een veel groter deel van Nederland. Steeds meer gebouwen in Nederland kampen met funderingsschade. Door langdurige droogte en dalende grondwaterstanden nemen de risico’s toe voor zowel panden met houten paalfunderingen als gebouwen met ondiepe funderingen.
Naar schatting hebben circa 425.000 gebouwen nu al schade (in de vorm van scheuren of aflopende vloeren) of lopen vóór 2035 een verhoogd risico. Het betreft vooral oudere gebouwen. Hoewel het bij slechts een klein deel al om ernstige schade gaat, is het ook voor gebouwen die nu nog beperkte schade hebben de verwachting dat dit in de toekomst toe zal nemen, zodat maatregelen uiteindelijk nodig zullen zijn.
De maatschappelijke impact is aanzienlijk. Dat raakt niet alleen de veiligheid en leefbaarheid van woningen, maar ook de woningwaarde, investeringsbeslissingen en toekomstige gebiedsontwikkeling.
Landelijk funderingsrisicomodel
Om beter inzicht te geven in waar funderingsproblemen kunnen ontstaan, ontwikkelt Deltares samen met TNO een nieuw funderingsrisicomodel voor heel Nederland.
Het model combineert drie soorten informatie:
- bedreigingen zoals bodemdaling, droogte en wisselende grondwaterstanden;
- gegevens over gebouwen en hun locatie;
- en de kwetsbaarheid van die gebouwen, zoals funderingstype, bouwjaar en constructieve kenmerken.
Samen geven die onderdelen een beter beeld van de kans op funderingsschade en de mogelijke gevolgen.
Het model wordt modulair opgebouwd, zodat nieuwe gegevens over bodem, grondwater, klimaat, gebouwen en monitoring stapsgewijs kunnen worden toegevoegd. Tegelijk maakt die aanpak zichtbaar waar nog onzekerheden zitten, bijvoorbeeld over funderingstype of schadeprocessen. Zo groeit het model mee met nieuwe data en praktijkervaring.
De uitkomsten helpen om funderingsrisico’s eenduidig te duiden. Omdat verschillende schadeprocessen elk hun eigen oorzaak en onzekerheid hebben, draait het model niet om één totaalscore, maar om prioritering en handelingsperspectief: waar is monitoring nodig, waar is nader onderzoek verstandig en waar zijn maatregelen nodig?

Krimp- en zwelgedrag van klei stap voor stap ontrafeld
Een belangrijke onzekerheid in de funderingsproblematiek betreft de invloed van krimp- en zwelgedrag van kleigronden. Sinds de droge zomer van 2018 zijn op diverse plekken in Nederland schadegevallen gemeld in gebieden waar dit voorheen nauwelijks voorkwam.
Deltares onderzoekt daarom welke kleitypen het meest gevoelig zijn, hoe bodembewegingen samenhangen met schade aan gebouwen en welke invloed factoren zoals grondwaterfluctuaties, vegetatie, bestrating, kwel en wegzijging hebben op funderingsrisico’s. Ook wordt gewerkt aan een landelijke kaart die inzicht geeft in gebieden waar krimp- en zwelproblemen kunnen optreden.
Otto Levelt, bodemdalingsexpert bij Deltares: “Voor mij zit de kern in het zorgvuldig afpellen van oorzaken en gevolgen. Krimp- en zwelgedrag van de ondergrond is in Nederland nog een relatief onbekend verschijnsel, terwijl het grote gevolgen kan hebben voor woningen. Door kennis uit verschillende bronnen te combineren, ontstaat informatie waarmee bewoners, gemeenten en professionals niet alleen weten dát er een risico is, maar ook wat zij kunnen doen.”
Data is de basis voor het risicomodel
Hoewel de oorzaken van funderingsproblemen steeds beter in beeld zijn en in het risicomodel kunnen worden opgenomen, ontbreekt nog belangrijke informatie om risico’s nauwkeurig te bepalen. Met name gegevens over het type fundering en de feitelijke staat van funderingen zijn vaak (nog) niet beschikbaar. Daardoor is het op dit moment nog erg onzeker om voor individuele gebouwen en gebieden betrouwbare risico-inschattingen te maken.
Het beter verzamelen, standaardiseren en delen van funderingsdata door vele partijen in de sector zijn belangrijke stappen om de versnipperde, onvolledige of verschillende informatie over funderingsrisico’s aan te pakken. Alleen daarmee kan een landelijk en uniform beeld ontstaan van de risico’s, zodat bewoners, gemeenten, woningcorporaties, financiers en beleidsmakers kunnen beschikken over dezelfde informatiebasis en beter handelingsperspectief.
Van risico-inzicht naar handelingsperspectief
Kennis alleen is niet voldoende. Deltares onderzoekt daarom ook welke maatregelen effectief zijn om schade te voorkomen of te beperken. Daarbij wordt gekeken naar oplossingen zoals vochtbarrières, aanpassing van vegetatie rondom gebouwen en maatregelen in het waterbeheer die grote schommelingen in de ondergrond helpen voorkomen.
Het doel is om bewoners, gemeenten en andere betrokken partijen meer handelingsperspectief te bieden. Zo kunnen preventieve maatregelen eerder worden genomen en kunnen onnodige herstelkosten worden voorkomen.
Bijdrage aan de Nationale Aanpak Funderingen
Met het funderingsrisicomodel, onderzoek naar krimp- en zwelgedrag van klei en de ontwikkeling van nieuwe kennisproducten levert Deltares een belangrijke bijdrage aan de Nationale Aanpak Funderingen. Die aanpak richt zich op het verbeteren van inzicht in funderingsrisico’s, het ondersteunen van overheden en woningeigenaren en het ontwikkelen van effectieve strategieën voor een toekomstbestendige gebouwde omgeving.
Meer informatie
Meer weten over de stand van zaken rond funderingsproblematiek? Bekijk de Voortgangsbrief Nationale Aanpak Funderingen. Download de position paper Deltares Funderingsproblematiek via de website van de Tweede Kamer. Deze paper is voor de zomer opgesteld naar aanleiding van de bespreking van funderingsproblematiek in de Tweede Kamer.