De lessen van project Marker Wadden

Gepubliceerd: 16 oktober 2020

Marker Wadden is niet alleen een uniek project als het gaat om natuurontwikkeling, waterbeheer en waterbouw. Nee, Markerwadden is ook een verhaal van een uniek staaltje wilskracht van personen, goed gevoel voor timing en een belangrijke financiële impuls. Ging het allemaal goed ? Nee, niet altijd. Maar door deze governance-aspecten te onderzoeken in het kennisprogramma gaan anderen daar hun voordeel mee doen.

Stéphanie IJff is een van de auteurs van het rapport met de titel ‘Een uniek project, een unieke samenwerking. De governance van Marker Wadden ontleed’. Dit onderzoek naar de governance rondom Marker Wadden deed Deltares samen met de Erasmus Universiteit Rotterdam en Wageningen Environmental Research. Door de expertises van deze drie kennispartijen te koppelen, is het een compleet en goed onderbouwd onderzoek geworden, dat bovendien waardevolle lessen heeft opgeleverd voor de toekomst.

IJff; ‘Om de aanleg van Marker Wadden destijds te realiseren is er veel moeite gestopt in het proces: de samenwerking tussen Natuurmonumenten en de overheid. De kennis over hoe je zulke grote projecten met elkaar regelt is belangrijk voor toekomstige projecten waarin overheid, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen samen optrekken. Daarom hebben we dit vastgelegd.’

Wat kunnen initiatiefnemers van nieuwe projecten leren van de adaptieve governance? Er zijn drie opvallende conclusies te halen uit de 22 interviews die werden gehouden. Het rapport is ook te downloaden (link).

1.       Kennisontwikkeling meteen regelen

Vanaf het begin werd besloten dat er van dit project geleerd moest worden. Op een parallel spoor werd door Topsector Water, Rijkswaterstaat, EcoShape en Natuurmonumenten afgesproken dat er een kennisprogramma zou worden gelanceerd. Dit kennisprogramma (KIMA) trad in 2018 in werking. Toen was de aanleg van Marker Wadden echter al in volle gang waardoor er in die eerste fase geen fysieke kennis is vastgelegd. Dit had wat de onderzoekers betreft eerder in het proces afgesproken moeten worden.

2.       Voldoende vroege aandacht voor verschillen in organisaties

Het Rijk en Natuurmonumenten hebben in project Marker Wadden een goede vorm gevonden om hun krachten te bundelen. Zo werkten ze gedurende het project in een klein team, waardoor beslissingen snel genomen konden worden. Ook werden de taken zo verdeeld, dat dat ze pasten bij de expertises van respectievelijk Rijkswaterstaat (denk aan contractbeheersing) of Natuurmonumenten (zoals de communicatiestrategie).

3.       Wie is verantwoordelijk voor natuurontwikkeling en verbetering waterkwaliteit

Belangrijke reden voor de aanleg waren de natuurontwikkeling en een betere ecologische waterkwaliteit van het Markermeer. Voor de natuurambities van Marker is de toekenning van de status als Nationaal Park (Nieuwland) een goede stap. Voor wat betreft de verbetering van de ecologische waterkwaliteit is er op dit moment nog geen uitsluitsel. Het kost meer tijd om vast te kunnen stellen wat de effecten zijn van Marker Wadden, en wordt in het monitoringsprogramma onderzocht. Het resultaat is belangrijk voor de beslissing over de aanleg van meer eilanden.

Vlotte start

Het initiatief voor de realisatie van Marker Wadden lag bij Natuurmonumenten. In 2012 konden zij mede dankzij een bijdrage van 15 miljoen euro van de Nationale Postcode Loterij hun idee op juridisch en beleidsniveau laten uitwerken. Vanaf 2014 volgde bestuurlijke steun door de Rijksoverheid, RWS en de Provincie Flevoland, dit ging vergezeld van financiële steun. De doelen van het project pasten namelijk goed bij de opdracht van het Rijk, namelijk de waterkwaliteit en de natuurwaarde van het Markermeer verbeteren.

Schema en tijdlijn aanleg Marker Wadden (uit rapport)

Gedurende de aanleg in 2015-2020 verschoof het accent van beleidsniveau naar uitvoering. IJff: ‘Natuurmonumenten en Rijkswaterstaat vormen dan een projectgroep die de partijen die Marker Wadden aanleggen aansturen. De aanleg van de eilanden paste goed in de strategie van deze organisaties. Ook de samenwerking met de aannemer verliep voorspoedig, onder andere omdat alle betrokkenen enthousiast waren dit innovatieve project te realiseren.’

Het resultaat mag er zijn

De aanbevelingen in het rapport kunnen worden meegenomen in andere grote programma’s zoals bijvoorbeeld Programmatische Aanpak Grote Wateren of nieuwe Building with Nature projecten. Het heeft veel voordelen als de overheid, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen samen aan de startlijn staan. De realisatie van zo’n groot ruimtelijk project is gebaat bij een goede samenwerking, waar dit onderzoek aan bijdraagt.