Droogte in Nederland. Zijn we voorbereid op nog een warme en droge zomer?

Gepubliceerd: 23 mei 2019

De zonaanbidders zullen deze vraag met 'ja' beantwoorden. De droogte van 2018 heeft een behoorlijke indruk gemaakt en liet helaas ook zien hoe kwetsbaar onze natuur is. Het gebrek aan neerslag gedurende de seizoenen nadien heeft als gevolg dat de grondwaterstanden nog steeds niet zijn hersteld. Het waterbeheer in Nederland staat voor de uitdaging; wat is het nut en de noodzaak van het voorspellen van de grondwatervoorraad voor mens en natuur. Deze vraag stond centraal tijdens de Deltares workshop op het NKWK congres 14 mei 2019.

Mooi weer is prettig maar de natuur heeft dorst

Wiebe Borren (Natuurmonumenten) trapte af en liet met behulp van allerlei foto’s zien wat de droogte in 2018 teweeg heeft gebracht in de natuurgebieden in Nederland. Gevolgen zijn bijvoorbeeld uitgedroogde vennen, drooggevallen beken, verdwijnen van zeldzame libellensoorten en veenafbraak in hoogveengebieden. Deze en andere gevolgen zetten ook in 2019 door. Zo laten de cijfers zien dat er sprake is van massale sterfte van de fijnspar en voedseltekort voor weidevogels uitblijven van broedsucces bij kraanvogels.

De Onlanden (bij Groningen) waar door droogval moeras ontstaat. Bron: Natuurmonumenten

Veel effecten zijn misschien niet een direct gevolg van de droogte, maar de toch al kwetsbare natuur heeft door de droogte een extra klap gekregen waardoor het nog gevoeliger is geworden voor andere stressfactoren. Naar aanleiding van de droogte is geconstateerd dat er een sterke behoefte is aan systematische monitoring om de gevolgen voor natuur beter in kaart te brengen, juist ten tijde van een droogte. Wiebe Borren vertelt: “Veel van de effecten op natuur worden veroorzaakt door de sterke daling van grondwaterstanden als gevolg van de droogte en grondwateronttrekkingen voor beregening. Door structurele verdroging, maar ook door bijvoorbeeld stikstofdepositie is de natuur nu extra gevoelig voor extremen.”

De droogte in kaart brengen

Hierop volgend geeft Dimmie Hendriks (Deltares) een toelichting op de huidige situatie van het grondwater in Nederland en de vooruitzichten voor de zomer van 2019. De winter van 2018/2019 heeft helaas niet de grondwateraanvulling gebracht waarop waterbeheerders, natuurbeheerders en agrariërs hoopten. Na een gemiddeld natte winter, was het voorjaar van 2019 tot nu toe relatief droog en vertoonden zowel maart als april een flink neerslagtekort. Met als gevolg dat in hooggelegen delen van het land, zoals op de Veluwe, De Utrechtse Heuvelrug, Noord-Brabant, in duingebieden langs de kust en in de hooggelegen zandgebieden in het oosten en noorden van het land, de grondwaterstanden momenteel laag tot zeer laag staan.

Dimmie Hendriks legt uit: “het herstel van de grondwaterstanden in hooggelegen gebieden van Nederland duurt minstens nog tot na de winter 2019/2020.” Uit prognoses op basis van modelsimulaties met het Landelijk Hydrologisch Model (LHM) blijkt dat de grondwatervoorraad in de zomer van 2019 onder drie weerscenario’s (droog, gemiddeld en nat) in hooggelegen gebieden laag blijft – dus ook in het natte scenario. In het droge scenario dalen de grondwaterstanden in heel Nederland tot ruim onder de langjarige waarden. “Er zijn meerdere manieren om de grondwatervoorraad te verbeteren”, aldus Dimmie Hendriks. Naast aanpassen van beleid rondom grondwateronttrekkingen zijn er ook andere handelingsperspectieven, zoals vasthouden van water door verhoging van stuwpeilen, verhogen van de drainagebasis, het verbeteren van de infiltratie van de neerslag in de ondergrond en berging van oppervlaktewater in de ondergrond tijdens natte perioden.

Modelsimulaties – gemaakt op 1 mei 2019 – voor de te verwachten grondwaterstanden in de zomer (boven) en aan het begin van het najaar (onder) volgens drie scenario’s: droog (links), een gemiddeld (midden) en een nat 2019 (rechts). Zelf bij het natste scenario blijven de grondwaterstanden in hooggelegen gebieden laag. (bron: verkennende berekeningen met LHM uitgevoerd door Deltares)

Maatregelen om droogte te voorkomen

Peter Ramakers (Provincie Noord-Brabant) zette vervolgens uiteen welke acute maatregelen in 2018 nodig waren om zoveel mogelijk water vast te houden in de gebieden met hoge zandgronden. Hij legt uit: “het ging daarbij bijvoorbeeld om het opzetten van peilen en het oppompen van grondwater zodat het droogvallen van beken kon worden voorkomen.”

Wel is er afgelopen jaar in veel gebieden behoorlijk wat extra grondwater onttrokken voor beregening, wat lokaal en regionaal tot verlaging van de grondwatervoorraden heeft geleid. De afgelopen maanden is gewerkt aan een handboek droogte, waarin het handelingsperspectief van de Provincie Noord-Brabant en haar partners staat beschreven in geval dat een nieuwe droogte situatie zich voordoet. In dit kader is het beregeningsoverleg recentelijk opgegaan in een nieuwe overlegvorm waarin de onderwerpen waterbeschikbaarheid, waterkwaliteit, en bodemkwaliteit samen komen.

De 2018 droogte heeft ook een urgente behoefte blootgelegd aan betrouwbare meetgegevens van de actuele situatie van het watersysteem, zodat beter op de droogte kan worden ingespeeld door relevante maatregelen te treffen waarbij alle actoren zoveel mogelijk worden betrokken. Peter Ramakers: “Bij het nemen van beslissingen over beregening dit jaar zijn de prognoses op basis van het LHM bijvoorbeeld erg nuttig gebleken.”

Droogtevoorspellingen per seizoen

Onder waterbeheerders is ook veel belangstelling naar de droogtevoorspellingen per seizoen en de mate van betrouwbaarheid van dit soort voorspellingen. Albrecht Weerts (Deltares) vertelt dat hier volop onderzoek naar wordt gedaan bijvoorbeeld in het Horizon 2020 IMPREX project. Schatting van de actuele toestand van het stroomgebied is cruciaal. Voor de Rijn die gevoed wordt door sneeuw in de Alpen geeft dit namelijk de mogelijkheid om met enige betrouwbaarheid de voorspellingen van de afvoer te berekenen voor april-mei-juni. Daarna neemt de “skill” van de berekeningen weer af.

Voor grondwaterstanden in gebieden zoals de hoge zandgronden in het zuiden en oosten van Nederland zou dit ook mogelijk zijn als er een goed beeld is van de huidige grondwaterstand, aldus Albrecht Weerts: “maar voor gebieden die afhankelijk zijn van lokale neerslag is het bijna onmogelijk om verder vooruit te voorspellen dan de gangbare weersverwachting.” Zijn open vraag gericht aan beleidsmakers luidde: “Wanneer zijn voorspellingen goed genoeg om beslissingen op te baseren?”.

Marjolein Mens (Deltares) workshop sloot af met een discussie aan de hand van prikkelende stellingen.

Tijdens het NKWK was er onder de deelnemers van de sessie grote overeenstemming over de volgende stellingen:

  • De natuur heeft het sterkst geleden onder de droogte van 2018, gevolgd door landbouw en daarna de scheepvaart.
  • Grote natuurgebieden zijn essentieel om zowel wateroverlast als droogte het hoofd te bieden.
  • Het Landelijk Hydrologisch Model is een belangrijk instrument voor zowel lange-termijn beleidsverkenningen als actuele prognoses, en zou moeten worden uitgebreid met voorspellingen per seizoen.
  • De regelgeving voor grondwaterberegening moet op de schop.

Voorlopig blijft voor waterbeheerders en hydrologen gelden dat we tijdens het mooie zomerweer juist ook kunnen genieten van een regenbui.