Nieuwe geotechnische software voor geautomatiseerd rekenen helpt GWW-sector digitaal vooruit

Gepubliceerd: 26 mei 2020

Geautomatiseerd rekenen en ontwerpen neemt een hoge vlucht. Geen wonder, want er vallen niet alleen arbeid en tijd te besparen, ook de kwaliteit van de resultaten neemt toe. De door vele partijen in de gww-sector gevoelde behoefte aan goed gereedschap leidde eerder dit jaar tot een gezamenlijk initiatief: de ontwikkeling van de digitale bibliotheek GEOLIB. Acht ingenieursbureaus, acht aannemers en twee waterschappen zijn inmiddels aangesloten. “We hebben overduidelijk de juiste snaar geraakt”, zegt Marcel Visschedijk, projectleider namens Deltares.

De huidige rekencapaciteit en middelen om digitale toepassingen op elkaar aan te sluiten maken vergaande automatisering van werkprocessen mogelijk. Dat geldt ook voor arbeidsintensieve geotechnische processen, zoals het doorrekenen van ontwerpen voor onder meer dijken, wegen, funderingen en damwandconstructies. Onder de hoede van Deltares werkt een groep van experts tot eind 2021 aan een standaardtoepassing, die tegelijk meer maatwerk toelaat.

Eén omgeving voor alles

In de bestaande praktijk werken partijen met aparte software voor verschillende soorten geotechnische berekeningen. Dit zijn bijvoorbeeld onderdelen van de zogenaamde D-serie van Deltares. Daarnaast hanteren organisaties verschillende al dan niet zelf ontwikkelde softwareapplicaties, met elk een andere interface. In GEOLIB komen onderdelen van de D-serie en door deelnemers zelf ontwikkelde software beschikbaar in de vorm van uniforme modulen. Met de programmeertaal Python kunnen ze eenvoudig worden gekoppeld. De modulen zorgen ervoor dat een gebruiker in één omgeving toegang heeft tot álle functies en álle databronnen, zowel eigen als openbare informatie. “De koppelbare D-serie met Python-aansluiting is het eerste product dat we dit najaar opleveren, in eerste instantie alleen voor de partijen die GEOLIB ontwikkelen”, vertelt Visschedijk. De bibliotheek zal verder ook ontsluiting en interpretatie van data ondersteunen, en aansluiten op portalen zoals de Basisregistratie Ondergrond (BRO), het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) en het Nederlands Hydrologisch Instrumentarium (NHI). “Een gebruiker kan straks voor elk project vrij eenvoudig basisinformatie en functionaliteit naar behoefte combineren en zo een deel van het geotechnische werkproces automatiseren.”

Duizenden berekeningen tegelijk

Léon Tiggelman, Productmanager Parametrisch Ontwerpen bij Dura Vermeer, is vanaf het begin betrokken bij de ambitie om als sector een generieke applicatie te ontwikkelen. “Door deze innovatie gaan we van een beperkt aantal handmatige berekeningen per softwaremodule naar de mogelijkheid om in de cloud duizenden gekoppelde berekeningen tegelijk te laten doen.” Dit betekent bijvoorbeeld dat waar nu voor tien kilometer dijk pakweg twintig dijkprofielen worden uitgerekend en geëxtrapoleerd – alles bij elkaar een arbeidsintensieve klus – straks om de tien of twintig meter een berekening kan worden gemaakt. “Dat komt de kwaliteit alleen maar ten goede, zeker als je meer bodemonderzoek gaat doen en die informatie digitaal inbrengt.” Met name waar het om repeterende activiteiten gaat, die dus weinig inhoudelijke expertise vergen, valt forse winst te boeken, geeft Tiggelman aan. “Die winst zit zowel in uren werk als in optimalisering van resultaten.” Want op ‘big data’ gebaseerde inzichten in grondgedrag en ontwerpopties leiden onder meer tot een betere risicobeheersing, minder faalkosten, duurzamer gebruik van materialen en minder CO2-uitstoot. “In feite benut je de technologie veel beter.”

Kwaliteitsstempel

Aannemers, ingenieursbureaus, maar ook overheden die het proces van geotechnisch ontwerp en beoordeling willen automatiseren, hoeven niet langer ieder voor zich toepassingen in huis te halen en te verknopen. Visschedijk: “Dat is ook gunstig voor opdrachtgevers die in de bestaande praktijk te maken hebben met resultaten uit verschillende programma’s. Doordat er een kwaliteitsstempel van Deltares op zit, speelt de vraag naar de herkomst en de betrouwbaarheid een minder grote rol. Daar heeft de hele sector baat bij.”

Tijdens het ontwikkeltraject, dat loopt tot eind 2021, verzamelt Deltares gebruikerswensen en -ervaringen om GEOLIB uit te breiden en te finetunen. Visschedijk: “Als gemeenschap willen we tot een structurele innovatie komen die voor meer partijen uitkomst biedt. In de hydrologie, bijvoorbeeld, kun je net zo goed met dit concept aan de slag.” Visschedijk en Tiggelman zouden dan ook graag zien dat meer organisaties zich aansluiten. Visschedijk: “Dit is de toekomst, daar wil je toch aan deelnemen?” En als GEOLIB na 2021 eenmaal draait? “Ik zou me kunnen voorstellen dat de rijksoverheid het stokje van de investerende marktpartijen overneemt en er een publieke dienst van maakt.”

Lijst deelnemende partijen

Antea, Arcadis, BAM, Ballast Nedam, Boskalis, CRUX, Deltares, Dura Vermeer, Fugro, Heijmans, Lievense, Mobilis, Movares, RHDHV, Sweco, Volker Wessels, Waternet, Waterschap Rivierenland, Van Oord.