Uitvoering van Klimaatakkoord van Parijs ondersteunt adaptieve aanpak Deltaprogramma

Gepubliceerd: 20 september 2016

Het Deltaprogramma houdt rekening met klimaatverandering en groei van de Nederlandse bevolking en economie in de 21ste eeuw. Daarvoor zijn in 2013 de Deltascenario’s ontwikkeld. Maar wat verandert het klimaatakkoord van Parijs daaraan? En werpt de toekomstverkenning Welvaart en Leefomgeving (WLO) van Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en Centraal Plan Bureau (CPB) daarop nieuw licht?

De staf van de Deltacommissaris stelde deze vragen over de houdbaarheid van de Deltascenario’s aan experts van Deltares, KNMI en het Planbureau voor de Leefomgeving, ter voorbereiding van het Deltaprogramma 2017 dat met Prinsjesdag gepubliceerd wordt. In een quick scan  concluderen zij dat deze nieuwe inzichten nog passen binnen de bandbreedte van de deltascenario’s. Voorts stellen de instituten voor nader onderzoek uit te voeren naar de doorwerking van het  energie-transitiescenario naar duurzame energie op de wateropgaven.  Met dit transitiescenario beoogt Nederland bij te dragen aan de verminderde CO2 uitstoot die in Parijs is afgesproken.

Het Deltaprogramma hanteert ‘adaptieve strategieën’ waarmee ingespeeld kan worden op veranderingen in de omgeving. Maatregelen kunnen bijgesteld, vertraagd of versneld worden. De Deltascenario’s zijn daarbij een hulpmiddel, ter oriëntatie op mogelijke nieuwe fysieke en sociaaleconomische ontwikkelingen. Ze beschrijven een plausibele  bandbreedte voor het toekomstige speelveld, voor het midden en het eind van de 21ste eeuw. De recente KNMI-scenario’s (2014) en de verkenningen van Welvaart en Leefomgeving van PBL en CPB (2015)zijn daarin opgenomen en sluiten er naadloos bij aan.

De drie instituten benadrukken dat het Deltaprogramma er goed aan doet niet te koersen op een of twee vastgestelde scenario’s maar serieus rekening te houden met sneller of langzamer ontwikkelingen, vinger aan de pols te houden, mogelijke omslagpunten te benoemen en de consequenties daarvan te beschrijven in de adaptatiestrategieën.

Het klimaatakkoord van Parijs van december 2015 heeft tot doel de opwarming van de aarde zeer beperkt te houden. De effecten van dit akkoord zullen pas op lange termijn, na 2050, merkbaar zijn. De toename  van de zeespiegelstijging,  extreme neerslag, hoogwater in de rivieren en droogteproblemen zal daardoor kunnen verminderen. Dit past bij de gematigde klimaatscenario’s van het Deltaprogramma. Maar dit gebeurt alleen als de uitvoering van het klimaatakkoord wereldwijd zeer snel ter hand genomen wordt en veel verder gaat dan de huidige nationale toezeggingen voor vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. Zo niet, dan dreigt zelfs versnelde zeespiegelstijging, mogelijk al meer dan anderhalve meter in 2100, en ook daarna toenemend. Ook zullen dan in de loop van de eeuw weer extra maatregelen nodig zijn om overstromingen uit zee of rivieren te voorkomen. Dit past bij de meer extreme scenario’s van het deltaprogramma.

De uitvoering van het klimaatakkoord vereist een grote transitie in Nederland voor diverse economische sectoren. Niet alleen voor de energievoorziening, maar ook gebruik van land en water. De  onderzoekers adviseren de consequenties van deze transitie  voor het waterbeheer, de bescherming van het land tegen wateroverlast en droogte nader in beeld te brengen.