Publicaties

2342 resultaten

  • Riviermodellen in D-HYDRO - pilotapplicatie Rijntakken : Advies voor algemeen functioneel ontwerp voor de zesde generatie modellen van RWS

    Auteurs: Jong, J. de; Yossef, M.F.M. (2016)

    Dit rapport is onderdeel van de overkoepelende rapportage ‘Advies voor algemeen functioneel ontwerp voor de zesde-generatie modellen van RWS’. In dit rapport wordt ingegaan op het modelleren van rivieren met de D-HYDRO Suite door een pilot-applicatie voor de Rijntakken uit te voeren. Het doel van deze studie is het opdoen van ervaring met het opzetten van een nieuw D-Flow Flexible Mesh model, het kalibreren van dit model en het functioneren van het model in de nieuwe modelleeromgeving. In het onderzoek is een nieuw model opgezet van de Rijntakken tijdens het hoogwater van 1995. Na het uitvoeren van deze referentiesimulatie is een reeks onderzoeken opgesteld en zijn de resultaten van de bijbehorende simulaties met de referentiesimulatie vergeleken. Er is onderzoek gedaan naar onder meer de bodemhoogtediscretisatie, gridconvergentie, overlatendiscretisatie en -formulering, rekentijdstapconvergentie, testen van processen en het maken van een deelmodel. Daarnaast is er onderzoek gedaan naar de kalibratiemethodiek. Allereerst is de wijze van kalibratie uit de vijfde generatie herhaald. Vervolgens zijn testen uitgevoerd met het toepassen van een transitie in zomerbedruwheden ten behoeve van morfologische toepassingen van het model. Ten slotte zijn testen uitgevoerd voor het aanpassen van de ruwheid van het winterbed bij de kalibratie van hoge afvoerniveaus.

  • Merenmodellen in D-HYDRO : pilot-applicatie Markermeer

    Auteur: Genseberger, M. (2016)

    Dit rapport met een eerste uitwerking van de zesde generatie modellen RWS voor meren is toegespitst op het IJsselmeergebied. Eerst is gewerkt aan "out of the box" verkenningen en hands-on cases. Dit is teruggekoppeld met de klankbordgroep meren in september 2016. Op basis daarvan is vervolgens een pilot schematisatie voor het Markermeer uitgevoerd voor het specifiek verder uitzoeken van aspecten. Resultaten hiervan zullen in januari 2017 met de klankbordgroep meren besproken worden. In dit rapport alvast de eerste, voorlopige resultaten. Er is uitgezocht of een rekenrooster bestaande uit driehoekige rekencellen geschikt is voor waterstanden ten behoeve van WBI, RWsOS Meren en het Markermeer slibmodel. Er is nagegaan hoeveel rekenresolutie bij de kust vereist is. Verder is gekeken hoe, ten behoeve van rekensnelheid, het aantal rekencellen verminderd kan worden zonder verlies aan nauwkeurigheid door de rekencellen geleidelijk groter te maken richting het midden van het Markermeer. Er is hiervoor gekeken naar waterstanden. Er is nog niet gekeken naar stroomsnelheden, stoftransport, golven en slib, belangrijk voor o.a. het Markermeer slibmodel.

  • Ecologische Sleutelfactoren voor de Rijkswateren : een oriënterende studie

    Auteurs: Wortelboer, F.G.; Roovaart, J.C. van den; Meijers, E. (2016)

    Rijkswaterstaat streeft naar zo natuurlijk mogelijke Rijkswateren. De beoordeling van de ecologische toestand vindt plaats binnen de KRW, maar geeft niet altijd een volledige beoordeling van alle ecologische typen binnen een waterlichaam. Ook zijn de effecten van maatregelen vaak minder nauwelijks of niet af te lezen aan de KRW-beoordeling. In deze studie wordt gekeken naar de Ecologische Sleutelfactoren. Hoe zouden deze toegepast kunnen worden voor de Rijkswateren? Welke milieufactoren spelen hierbij een rol en hoe zijn deze af te leiden met rekentools? Speciale aandacht is gegeven aan de samenhang tussen de Ecologische Sleutelfactoren. Voorgesteld wordt om het Deltares Delta Shell Raamwerk in te gaan zetten als tool voor presentatie en integratie van de Ecologische Sleutelfactoren. Interne en externe modellen en tools kunnen hierbinnen worden aangestuurd. De meerwaarde hiervan voor waterbeheerders wordt beschreven. Er wordt een stappenplan beschreven voor het uitwerken van de milieufactoren toxiciteit, temperatuur en nutriënten voor de Rijkswateren.

  • Hydrodynamische modellering van het Noordzeekanaal en Amsterdam-Rijnkanaal : ontwikkeling en validatie SOBEK 3 en Delft3D model

    Auteurs: Buschman, F.A.; Fujisaki, A.; Schueder, R.; Kaaij, T. van der (2016)

    Op verzoek van Rijkswaterstaat zijn 1D en 3D hydrodynamische modellen opgezet voor het Noordzeekanaal en het Amsterdam-Rijnkanaal die gebaseerd zijn op actuele gegevens. Een nieuw SOBEK 3 model (1D) is opgezet, waarbij profielen zijn afgeleid van actuele gegevens uit een Baseline schematisatie. Het effect van wind is meegenomen in het SOBEK 3 model. De dynamiek in het lange aaneengesloten systeem dat is omringd door kunstwerken wordt veroorzaakt door lozingen en onttrekkingen. Bij de Irenesluis ten zuiden van Wijk bij Duurstede wordt water ingelaten. Dit debiet is geschematiseerd als een grote lozing op het Amsterdam-Rijnkanaal ten noorden van de Irenesluis. Grote onttrekkingen uit het systeem zijn het spuien en het malen bij IJmuiden. Op basis van aangeleverde gegevens is een set van 170 lozingen gegenereerd voor een periode in 2015. Omdat de genoemde lozingen bij lJmuiden te hoog leken en Rijkswaterstaat deze gegevens als onzeker had bestempeld, zijn deze gecorrigeerd door de tijdserie te vermenigvuldigen met een correctiefactor tussen 0,3 en 0,6. Daarmee werd bereikt dat de gesimuleerde waterstand aan het begin en eind van de simulatieperiode vergelijkbaar was als de metingen op die momenten. Het verloop van de waterstand lijkt in het SOBEK model echter niet op de metingen. Het Delft3D model is doorgerekend voor een periode in 2013 en voor de periode in 2015. Voor beide perioden lijkt het verloop van de waterstand niet op de metingen. Met de huidige onnauwkeurige dataset van lozingen en onttrekkingen voor de periode in 2015 kunnen daarom geen conclusies getrokken worden over de geschiktheid van zowel het SOBEK 3 model als het Delft3D model voor beoogde toepassingen. De belangrijkste aanbeveling is de metingen van de lozingen en onttrekkingen te verbeteren en enkele ontbrekende lozingen toe te voegen aan de set van lateralen, zodat in de toekomst wel nauwkeurige modelberekeningen mogelijk worden. Voor de lozingen en onttrekkingen zullen ook completere en nauwkeurigere gegevens van de temperatuur en het zoutgehalte beschikbaar moeten komen om nauwkeurige resultaten van temperatuur en saliniteit te simuleren.

  • Risicobenadering voor de Nederlandse zoetwatervoorziening : methode ontwikkeling en toepassing op drie casestudies in Nederland

    Auteurs: Vat, M.P. van der; Schasfoort, F.E.; Maat, H.W. ter; Mens, M.J.P.; Delsman, J.; Kok, J.J. (2016)

    De zoetwatervoorziening in Nederland staat regelmatig onder druk door het optreden van laagwater en droogte. In de toekomst worden vaker knelpunten verwacht op het gebied van de zoetwatervoorziening doordat de vraag naar zoetwater toeneemt en het klimaat verandert. Het wordt daarom steeds belangrijker voor watergebruikers om te weten op welke hoeveelheid water (van welke kwaliteit) ze onder verschillende omstandigheden kunnen rekenen. Eind 2015 is het onderzoeksprogramma IMPREX (IMproving PRedictions and management of hydrological EXtremes) gestart. Een deel van het programma bestaat uit het uitvoeren onderzoek met betrekking tot zoetwater en droogte in Nederland, met als lange termijn doel: het toepassen van een integrale risicobenadering voor droogte die een economische onderbouwing kan leveren voor de besluitvorming met betrekking tot de Nederlandse zoetwatervoorziening. Een risicobenadering is nodig voor een economische onderbouwing om informatie over de effecten van droogte te combineren met informatie over de frequentie waarmee verschillende maten van droogte voorkomen.

  • Statistics of simulated water levels along the Rhine river

    Auteurs: Horvath, K.; Omer, A.Y.A.; Buschman, F.A. (2016)

    The Rhine River WAQUA model has been updated several times during the last decade. The model was calibrated in 2012 for high flood peaks that occurred in 1993 and 1995. And since then it has been updated and used to predict the water level for different time series. In this study, we look at the statistical analysis of simulated water levels in comparison to the measurements. The purpose is to give an idea of how the model results compare to the observations and whether the model is overestimating or underestimating the water levels. Twenty stations along the Rhine River are considered and nineteen events are studied. Furthermore, three model schematizations were used and the results of simulated water levels were compared. The results show that the model, in general, underestimates the water level. The NederRijn - Lek branch has the maximum deviation range of the water level, then comes the IJssel and the smallest deviation range from the observations is shown by the model along the Waal.

  • What it took to catalyse uptake of dynamic adaptive pathways planning to address climate change uncertainty

    Auteurs: Lawrence, J.; Haasnoot, M. (2017)
    Gepubliceerd in: Environmental science and policy, volume 68 (2017), pagina 47-57

    Implementing climate-resilient pathways in conditions of uncertainty and change is a serious challenge. Approaches have been developed for this type of problem, one of which, Dynamic Adaptive Policy Pathways approach (DAPP), has been applied in practice in a limited number of circumstances, mainly for large infrastructure projects and at national scales. To better understand what it takes to catalyse uptake of DAPP to better address uncertainty and change than typical static planning approaches, we examined the role of a simulation game facilitated by a knowledge broker, in a real-life local decision setting on flood risk management in New Zealand. Four intervention phases over four years are described and their influence analysed: 1) creating interest through framing the science, 2) increasing awareness using the Game, 3) experimenting with DAPP, and 4) uptake of DAPP. We found that a knowledge broker introducing new framing of changing risk profiles, facilitating use of the Game and the DAPP approach in a real-life decision making setting, with contextual support from events and (inter)national reports, catalysed the uptake of adaptive pathways planning. We identified enabling requirements necessary for embedding adaptive planning into decision-making practice for addressing uncertainty and change.

  • Measuring swirl at a model scale of 1:1 for vertically submersible pumps

    Auteurs: Fockert, A. de; Verhaart, F.I.H.; Czarnota, Z.; Rajkumar, S. (2016)
    Gepubliceerd in: IOP conference series: Earth and Environmental Science, volume 49 (2016), pagina 1-10

    Intakes of large pump stations are often designed with the aid of hydraulic modeling. The approach flow to pumps is tested for adverse hydraulic phenomena, such as pre-swirl, velocity variations and vortices. Most commonly, the limits for these phenomena are taken from the ANSI/HI 9.8-2012 standard : Rotodynamic Pumps for Pump Intake Design. The standard, however, does not explain how real pumps respond to swirl, uneven velocity distribution or vortices. The present joined study between Deltares and Xylem aims to bridge this gap. At the Deltares pump sump test facility, two identical pump compartments were built according to the ANSI/HI 9.8-2012 standard. In one of the compartments, a submersible, vertical column pump (Flygt PL7020) was installed, while a 1:1 scale model of that pump was installed in the other compartment. This arrangement allowed measurements of both pump performance (pump head and input power as a function of flow rate) and the model parameters (pre-rotation and vortex occurrence) for nearly identical approach flow conditions. By varying the geometry of the approach channels, the asymmetry of the flow was varied to produce various degrees of pre-swirl including values in excess of the commonly accepted limit of 5 degrees. This paper describes the measurement setup, the results of the measurements with the model pump and the measurement plan for the prototype pump.

  • Variations in the wave climate and sediment transport due to climate change along the coast of Vietnam

    Auteurs: Dastgheib, A.; Reyns, J.; Ranasinghe, R. (2016)
    Gepubliceerd in: Journal of marine science and engineering, volume 4 (2016) nummer 4, pagina 1-20

    This study quantifies the climate change (CC)-driven variations in wave characteristics and the resulting variations in potential longshore sediment transport rate along the 2000 km mainland coast of Vietnam. Wind fields derived from global circulation models (GCM) for current and future (2041–2060 and 2081–2100) climate conditions are used to force a numerical wave model (MIKE21 SW) to derive the deep water wave climate. The offshore wave climate is translated to nearshore wave conditions using another numerical model (Simulating WAves Nearshore - SWAN) and finally, a sediment transport model (GENEralized model for Simulating Shoreline Change -GENESIS) isused to estimate potential sediment transport for current and future climate conditions. Results indicate that CC effects are substantially different in the northern, central and southern parts of the coast of Vietnam. The 2081–2100 mean significant wave height along the northern coast is estimated to be up to 8 cm lower (relative to 1981–2000), while projections for central and southern coasts of Vietnam indicate slightly higher (increases of up to 5 cm and 7 cm respectively). Wave direction along the northern coast of Vietnam is projected to shift by up to 4 degrees towards the south (clockwise) by 2081–2100 (relative to 1981–2000), up to 6 degrees clockwise along the central coast and by up to 8 degrees anti-clockwise (to the north) along the southern coast. The projected potential longshore sediment transport rates show very substantial and spatially variable future changes in net transport rates along the coast of Vietnam, with increases of up to 0.5 million m3/year at some locations (by 2081–2100 relative to 1981–2000), implying major changes in future coastline position and/or orientation. The vicinity of the highly developed city of Da Nang is likely to be particularly subject to coastline changes, with potentially an additional 875,000 m3 of sand being transported away from the area per year by the turn of the 21st century.

  • Looking beyond general metrics for model comparison : lessons from an international model intercomparison study

    Auteurs: Boer-Euser, T. de; Bouaziz, L.J.E. (2016)
    Gepubliceerd in: Hydrology and earth system sciences (2016), pagina 1-29

    International collaboration between research institutes and universities is a promising way to reach consensus on hydrological model development. Although comparative studies are very valuable for international cooperation, they do often not lead to very clear new insights regarding the relevance of the modelled processes. We hypothesise that this is partly caused by model complexity and the comparison methods used, which focus too much on a good overall performance instead of focusing on specific events. In this study, we use an approach that focuses on the evaluation of specific events and characteristics. Eight international research groups calibrated their hourly model on the Ourthe catchment in Belgium and carried out a validation in time for the Ourthe catchment and a validation in space for nested and neighbouring catchments. The same protocol was followed for each model and an ensemble of best performing parameter sets was selected. Although the models showed similar performances based on general metrics (i.e. Nash–Sutcliffe Efficiency), clear differences could be observed for specific events. The results illustrate the relevance of including a very quick flow reservoir preceding the root zone storage to model peaks during low flows and including a slow reservoir in parallel with the fast reservoir to model the recession for the Ourthe catchment. This intercomparison enhanced the understanding of the hydrological functioning of the catchment and, above all, helped to evaluate each model against a set of alternative models.

34Page 5 of Array567