Onderzoek naar opties voor kwaliteitseisen voor toepassing PFAShoudende grond en baggerspecie in zoet oppervlaktewater

Dit rapport geeft opties voor het stellen van kwaliteitseisen voor PFAS aan het toepassen van
grond en baggerspecie en het verspreiden van baggerspecie in zoete oppervlaktewateren. Het
uitgangspunt daarbij is geweest om voor PFAS zo veel mogelijk aan te sluiten bij het gewone
grondverzet zoals dat voor gereguleerde stoffen geldt. In het Besluit en de Regeling
bodemkwaliteit worden grond en bagger aan de hand van een drietal grenswaarden
(Achtergrondwaarde, Maximale waarde klasse A en maximale waarde klasse B) in drie
kwaliteitsklassen en een categorie niet-toepasbaar verdeeld.
Omdat de grenswaarden in dit rapport primair bedoeld zijn voor een definitief handelingskader
(DHK) is gekozen voor termen die niet gelijk zijn aan de Regeling bodemkwaliteit. Op die manier
wordt verwarring voorkomen omtrent de status van de voorgestelde opties. Er is gekozen voor de
term herverontreinigingsniveau (HVN) in plaats van maximale waarde klasse A (hoofdstuk 3) en
Bovengrens toepassen in plaats van maximale waarde klasse B (hoofdstuk 4).