Naar hoofdcontent

Het lage-afvoerrecord uit 1947 is op 8 augustus 2026 gesneuveld. Nog nooit stroomde er zo weinig water door de Rijn als nu. Binnenvaartschepen moeten vracht achterlaten, sproeiverboden worden ingesteld en op sommige plekken blijven sluizen dicht om water vast te houden. Ondertussen staat bij Jan Verkade en zijn collega’s de telefoon roodgloeiend. Journalisten willen weten hoe uitzonderlijk deze droogte is en vooral: hoe lang houdt dit nog aan? En ook waterbeheerders en andere organisaties die afhankelijk zijn van de rivieren willen weten: wat kunnen we de komende weken verwachten?

Verkade probeert daarom samen met collega's weken vooruit te kijken voor de Rijn en de Maas, de twee belangrijkste aanvoerrivieren van Nederland. Als hydrometeoroloog bij Deltares en lid van het Watermanagementcentrum Nederland (WMCN) maakt hij verwachtingen die Rijkswaterstaat en andere waterbeheerders helpen om op tijd in actie te komen. "Voor veel maatregelen is het belangrijk om een beeld te hebben van hoe de situatie op de rivieren zich gaat ontwikkelen."

Watermanagementcentrum van binnen

Al ruim vijfentwiting jaar werkt Verkade bij Deltares. Sinds 2010 is hij een dag of 10 à 20 per jaar gedetacheerd bij Rijkswaterstaat als lid van de crisisadviesgroep WMCN Rivieren. Een werkdag begint met de nieuwste meetgegevens, weersverwachtingen en modelberekeningen. Heeft het in Frankrijk, Duitsland of Zwitserland geregend? Bereikt dat water de Rijn? En komen de nieuwste meetwaarden nog overeen met de verwachtingen van gisteren? "We houden eigenlijk 24 uur per dag, zeven dagen per week in de gaten of er iets op de grote rivieren gebeurt."

Voorspellingen onder een vergrootglas

Twee keer per week maakt het team een vijftiendaagse verwachting van de Rijn en de Maas. Verkade vergelijkt de nieuwste meetgegevens met de modeluitkomsten, bespreekt opvallende ontwikkelingen met collega's en schrijft mee aan de rapportage. "Ik vermoed dat deze rapportages bij normale waterstanden niet echt gelezen worden," vertelt hij. "Nu weet je dat jouw tabel gebruikt wordt voor het nemen van allerlei besluiten. Dan ga je zelf ook kritischer kijken."

Jan Verkade

De verwachtingen worden onder andere gebruikt door de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling (LCW), waarin onder meer Rijkswaterstaat, het KNMI en de waterschappen samenwerken. Op basis daarvan beoordelen zij of maatregelen moeten worden voorbereid. Wanneer de modellen bijvoorbeeld laten zien dat de afvoer richting de IJssel verder afneemt, kan worden besloten de sluizen naar de Twentekanaal tijdelijk te sluiten om voldoende water in het kanaal vast te houden.

Zulke maatregelen vragen voorbereidingstijd, maar Verkade adviseert niet over de maatregelen zelf. "Ik ga niet zeggen welke beslissing iemand moet nemen. Ik probeer zo goed mogelijk te vertellen wat we verwachten dat de rivier gaat doen." Daarbij hoort ook duidelijk maken hoe onzeker een verwachting is. Hoe verder je vooruitkijkt, hoe groter die onzekerheid wordt.

Een nieuwe taak

Dat de hydrometeoroloog tegenwoordig zoveel tijd aan laagwater besteedt, is relatief nieuw. "Vroeger heette onze groep gewoon de hoogwatergroep.” Hoewel Rijkswaterstaat een wettelijke taak heeft om voor hoogwater te waarschuwen, is die formele taak er niet voor laagwater. De vraag naar zulke verwachtingen is de afgelopen jaren wel snel gegroeid. "Er komen steeds meer vragen om ook iets te zeggen over laagwater."

Dat heeft ook met klimaatverandering te maken. “Dit gaat vaker gebeuren,” zegt Verkade. “Zowel hoogwater als laagwater komen vaker voor en worden heftiger. En het laagwater gaat ook nog eens langer duren.” Dat betekent ook dat het WMCN vaker in actie zal moeten komen. Bovendien vraagt laagwater om een andere manier van voorspellen. Een hoogwatergolf trekt meestal binnen tien tot vijftien dagen voorbij, terwijl droogte zich langzaam kan opbouwen en veel langer kan aanhouden.

De eerste voortekenen

Dat de huidige situatie bijzonder zou worden, begon zich dit voorjaar al af te tekenen. "Begin april zagen we dat er in Zwitserland uitzonderlijk veel minder neerslag viel dan normaal." Ook daarna bleef de regen uit en smolt de sneeuw in de Alpen vroeg weg. Normaal zorgt dat smeltwater juist voor extra aanvoer naar de Rijn. "Dan zie je dat de afvoer toeneemt in deze periode toe doordat de sneeuw smelt. Nu bleef die vrijwel gelijk. Toen dachten we: hier gebeurt iets bijzonders."

Inmiddels is pas echt duidelijk hoe uitzonderlijk de situatie werkelijk is. "Het vorige record van 620 kuub per seconde stamde uit november 1947. Nog nooit hebben we dit zo vroeg in het jaar meegemaakt." Voor de modellen betekent dat dat ze worden gebruikt in omstandigheden waarvoor nauwelijks historische voorbeelden bestaan. "We zijn nu ervaring aan het opdoen in een situatie die voor ons eigenlijk nieuw is. De modellen voor hoogwater zijn al veel verder doorontwikkeld."

Elke droogte levert nieuwe kennis op

Dat levert ook nieuwe onderzoeksvragen op. Onderzoekers vergelijken hun voorspellingen met de werkelijkheid en ontdekken zo waar modellen goed werken en waar kennis ontbreekt. "We zitten nu zo met onze neuzen op de frontlinie dat ook meteen duidelijk wordt waar de kennisvragen zitten." Zo vertelde een collega Verkade onlangs dat de huidige metingen pas rond 2150 in sommige klimaatscenario's werden verwacht. Dat roept meteen vragen op: is dit een uitzonderlijke uitschieter of onderschatten de modellen hoe snel veranderingen plaatsvinden?

We leren bij over hoe de hydrologie met het klimaat verandert.

Jan Verkade, hydrometeoroloog Deltares

Ook het gedrag van de rivieren verandert. Door kleinere gletsjers en minder langdurige sneeuwbedekking wordt de rivier steeds afhankelijker van regen. Uitgedroogde bodems reageren bovendien anders op neerslag dan voorheen. "We leren bij over hoe de hydrologie met het klimaat verandert. Het is niet alleen een verandering in getallen, maar ook in mechanismen." Juist tijdens extreme droogte wordt zichtbaar waar de modellen tekortschieten. "Je zou kunnen zeggen: hoe extremer de situatie, hoe meer we leren over wat de rivier doet. Deze droogte maakt ons uiteindelijk weer een stukje slimmer voor de volgende keer."

Recente media-uitingen (interviews Jan Verkade):

Deze pagina delen.