Beleidsondersteuning PFAS in grond en bagger

De aanleiding

Door diverse incidenten zoals de industriële PFOA- en GenX-lozingen en een PFOS-incident bij Schiphol is in het bagger- en grondverzet de aandacht voor de groep van meer dan 6000 per en polyfluoralkylstoffen (PFAS) in de loop van 2018 flink toegenomen. Omdat deze verbindingen in grond en bagger voorheen niet gemeten werden en geen norm hadden, was de zorgplicht van toepassing. De uitwerking van deze zorgplicht is vorm gegeven in het Tijdelijk HandelingsKader (THK) PFAS dat sinds juli 2019 van kracht is. De eerste versie van het THK  veroorzaakte zoveel uitvoeringsproblemen, dat in het najaar van 2019 een aangepast THK is gepubliceerd en in juni 2020 opnieuw. Daarmee werd stapsgewijs, op basis van kennis, meer ruimte gegeven voor het toepassen en verspreiden van grond en bagger. Aan het einde van 2020 wordt een definitief handelingskader voor PFAS verwacht, maar naar verwachting heeft de discussie over PFAS een breder effect op het hergebruik van grond en bagger en krijgt dit na 2020 vorm.

Deltares is betrokken bij het THK vanaf september 2019. Deltares ondersteunt vooral het beleid ten aanzien van het toepassen en verspreiden van grond en bagger in het watersysteem. Dit gaat over: het toepassen van grond en bagger in diepe plassen, het toepassen in oppervlaktewater zoals dijken voor het deel dat in het oppervlaktewater ligt en het verspreiden van bagger op zee.

Voorlopige herverontreinigingsniveaus rijkswateren (HVN)

Deltares heeft in november 2019 samen met Rijkwaterstaat de herverontreinigingsniveaus PFAS (HVN) voor waterbodems in de rijkswateren afgeleid, waarmee een norm is gesteld voor het verondiepen van meestromende plassen in de rijkswateren.

Bij de totstandkoming van het THK in juli 2019 was voor PFAS nog geen HVN afgeleid. Een HVN geeft het niveau van de verontreiniging aan van het sediment dat op de waterbodem wordt afgezet; deze verontreiniging is een gegeven. Met het HVN kan worden aangetoond dat de toepassing van baggerspecie in beginsel in overeenstemming is met het standstill-beginsel (de situatie niet verslechtert). Op deze wijze kan invulling worden gegeven aan de zorgplicht.

Voor het afleiden van een HVN voor de waterbodem worden data gebruikt van de PFAS-gehalten van zwevend stof in water. De HVNs voor de stoffenlijst in het huidige Besluit bodemkwaliteit (Bbk) zijn afgeleid op basis van een 95-percentiel van 10 jaar zwevend stofkwaliteitsdata op meetlocatie Lobith. Voor PFAS is dat op de korte termijn niet mogelijk en is het voorlopige HVN afgeleid op basis van de data over PFAS-gehalten in het zwevend stof in Rijkswateren (2018-2019). Vanwege de afwijkende database (kortere periode en andere locaties) is uit voorzorg gekozen voor een voorzichtiger waarde, namelijk een 80-percentiel.

Behalve voor PFOS

De historische data voor PFOS toonden aan dat de gebruikte database 2018/2019 lagere concentraties bevatte dan een volledige database over de afgelopen 10 jaar zou bevatten. Daarom is het HVN voor PFOS niet gebaseerd op een 80-percentiel, maar op een 95-percentiel zoals gebruikelijk bij de normale afleiding van een HVN.

De uitloging in grond

Voor de aanpassing in de zomer van 2020 werkte Deltares samen met het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) aan de uitloging van PFAS uit grond van droog land, baggerspecie en uiterwaarden. Aangenomen werd dat er meer uitloging zou kunnen zijn van grond afkomstig van het droge bij gebruik in oppervlaktewater omdat de grond niet continu in evenwicht is met water en omdat de bronnen van vervuiling in de bodem niet dezelfde zijn als die in baggerspecie. Uit deze studie bleek dat, bij dezelfde totale concentraties, de uitloging in batchtests hetzelfde was voor grond van het droge, baggerspecie en uiterwaarden. Het onderzoeksrapport is samen met de data te downloaden van.Rivm.nl

Voorstel herverontreinigingsniveau PFAS in bagger uit regionale wateren

Naast het uitloogonderzoek heeft Deltares een herverontreinigingsniveau PFAS voor regionale wateren bepaald. Voor andere stoffen is het HVN Rijntakken (rapport november 2019)  van toepassing verklaard op heel Nederland, maar voor PFAS was het idee dat dit te veel ruimte zou geven voor de regionale diepe plassen. Een HVN voor regionale wateren doet meer recht aan het stand still principe in diepe plassen, waar de verondieping reeds is gestart. De wijziging van het THK in de zomer van 2020 geeft geen ruimte voor nieuwe initiatieven.

Er zijn 3 PFAS-verbindingen die duidelijk in hogere concentraties voorkomen dan de overige PFAS: PFOS, EtFOSAA en mindere mate PFOA. De stof EtFOSAA is niet eerder genormeerd, maar wordt wel breed aangetroffen in vergelijkbare hoeveelheden als PFOS. Wel is het patroon van PFOS diffuser en dat van EtFOSAA wat meer patchgewijs.

Voor het afleiden van het HVN regionale wateren is geen gebruik gemaakt van metingen in zwevend stof, maar van een grote database met waterbodemmetingen van regionale wateren. 17 van de 21 waterschappen hebben daaraan bijgedragen en het aantal data is groot genoeg voor een representatief beeld. Toch kent de landelijke database een aantal beperkingen: waterschappen in Rijn West domineren de database, omdat zij veel meer data hebben aangeleverd. Daarnaast zijn de gehalten in Rijn West duidelijk hogere van in de overige deelstroomgebieden. Daarom heeft Deltares  in het memo twee mogelijke opties uit gewerkt: 1) één landelijke waarde en 2) een aparte waarde voor Rijn West en de overige stroomgebieden.

Omdat de database beperkt representatief is voor heel Nederland wordt, in navolging van tijdelijke HVNs en tijdelijk Achtergrondwaarden, een (voorzichtig) 80-percentiel geadviseerd. Als de database wordt gesplitst vallen beide beperkingen weg: de aantallen data binnen Rijn west en binnen de overige stroomgebieden zijn gelijker verdeeld en de gemeten gehalten kennen een veel lagere regionale variatie. Omdat het aantal data (minimaal enkele honderden meetpunten) wel voldoende is, wordt in geval een gesplitste database wel een (reguliere) 95-percentielwaarde geadviseerd. De getallen zijn uitgewerkt in het rapport.

Naar een definitief kader

Eind 2020 is gepland om PFAS definitief op te nemen als ‘reguliere’ stof in de Regeling bodemkwaliteit. Dat betekent dat voor alle verschillende toepassing een goed onderbouwde waarde moet komen. In de tweede helft van 2020 zal Deltares daaraan bijdragen door:

  • Een voorstel te doen voor een maximale waarde voor verspreiden in zoute wateren.
  • Een geactualiseerd HVN rijkswateren af te leiden.
  • Voor de overige toepassingen (toepassen zandwinplassen, ‘algemeen’ toepassen in oppervlaktewater) te komen tot aanvullende benodigde waarden.