Klimaatadaptatie in de Praktijk (KLIMAP)

design: Natasha Sena

 

De hoge zandgronden ondervinden steeds meer problemen en schade van het veranderende klimaat en het niet-duurzaam gebruik van het water-bodemsysteem . Veranderingen en maatregelen zijn nodig om de nadelige effecten voor landbouw en natuur op te vangen en de zandgronden klimaatadaptief en duurzaam in te richten.

Methodiek voor klimaatadaptieve inrichting zandgronden

KLIMAP werkt tot eind 2023 aan procesbeschrijvingen en instrumenten die de overheden en actoren uit de regio helpen om de systematiek van zogenaamde ontwikkelpaden (ook wel adaptatiepaden) te doorlopen. Deze systematiek maakt het mogelijk om stappen voorwaarts te zetten richting een gezamenlijk einddoel (in dit geval een klimaatadaptieve omgeving) onder voortdurend veranderende omstandigheden. Ook wordt in KLIMAP een menukaart ontwikkeld waarin de effecten en haalbaarheid van verschillende type maatregelen overzichtelijk in beeld gebracht worden.

Onder huidige inrichting  zijn zandgronden niet bestand tegen veranderend klimaat

Klimaatverandering zorgt op de hooggelegen zandgronden in het zuiden en oosten van Nederland voor veranderingen in het bodem- en watersysteem. Dit heeft gevolgen voor landbouw en natuur in deze gebieden. De toenemende verschillen tussen (extreme) droogtes en piekbuien met wateroverlast, confronteren ons met de opgave waar we voor staan. Gebieden blijken niet goed ingericht te zijn om de effecten van klimaatverandering op te vangen. Dit zien we bijvoorbeeld terug in droogteschades bij landbouwgewassen, een toenemende verdroging in natuurgebieden en lokale wateroverlast op landbouwpercelen tijdens piekbuien.

Toekomstbeelden kwantificeren volgens ‘ontwikkelpaden systematiek’

In het vierjarig durend programma KLIMAP onderzoekt een consortium van 24 partijen welke maatregelen en veranderingen in land- en watergebruik haalbaar en effectief zijn én welk gezamenlijk proces doorlopen moet worden om de Nederlandse zandgebieden aan te passen aan klimaatverandering. Dit wordt gedaan aan de hand van een routekaart met zeven stappen, mede ontwikkeld door Deltares. In deze routekaart staat het in beeld brengen en kwantificeren van toekomstbeelden volgens de systematiek van Ontwikkelpaden centraal.

Samen werken in voorbeeldgebieden

Momenteel is Deltares actief in diverse projectgebieden, onder meer in de Noordelijke IJsselvallei (Gelderland) en rondom de  Mariapeel en de Groote Molenbeek (Limburg). Aan de hand van de routekaart worden klimaatopgaven in voorbeeldgebieden voor de huidige en toekomstige situatie geëvalueerd en worden de haalbaarheid en effectiviteit van veranderingen en maatregelen getoetst. Beschikbare kennis en resultaten uit eerdere projecten (Lumbricus, Onderzoeksproject Droogte Zandgronden en Deltaprogramma Zoetwater) worden hierin meegenomen. Vervolgens worden, op basis van de systematiek van Ontwikkelpaden, mogelijke toekomstbeelden geschetst belangrijke beslismomenten in beeld gebracht.

Inzetten, evalueren en ontwikkelen van Deltares rekeninstrumenten en tools

Voor het kwantificeren van toekomstbeelden en effectiviteit en haalbaarheid van veranderingen en maatregelen worden Deltares’ rekeninstrumenten en tools ingezet. Belangrijk hierbij is het evalueren van de instrumenten voor dit doel. Als mogelijk worden instrumenten tijdens KLIMAP verbeterd; anders wordt dit geagendeerd als vervolgproject(en).  wordt  van de bruikbaarheid van de routekaart bestaande tools en instrumenten en het agenderen en (als mogelijk) toepassen van benodigde verbeteringen en ontwikkelingen.